Borstsparende operatie (Oncoplastische Lumpectomie)
In overleg met uw oncologisch chirurg en plastisch chirurg heeft u gekozen voor een borstsparende operatie.
Na het verwijderen van de afwijking door de oncologisch chirurg ontstaat er een defect in de borst. Door gebruik te maken van het overgebleven borstweefsel of omliggend weefsel zal de plastisch chirurg de continuĆÆteit van het borstweefsel weer proberen te herstellen. Daardoor kan er wel enige asymmetrie ontstaan met de andere borst. Dit kan zijn qua volume en/of qua vorm. Na een borstsparende operatie volgt meestal ook bestraling. Ook dit kan effect hebben op het uiteindelijke resultaat van de operatie. De plastisch chirurg ziet u enkele maanden na de laatste bestraling terug om te beoordelen of een aanvullende operatie mogelijk dan wel wenselijk is.
In deze folder leest u precies alles wat u voor, tijdens en na deze operatie te wachten staat.
Binnenkort wordt bij u een borstsparende operatie uitgevoerd. U wordt hiervoor opgenomen in het Alexander Monro Ziekenhuis. U blijft in principe ƩƩn nacht in het ziekenhuis. Belangrijke punten als voorbereiding op uw operatie:
- Nuchter zijn: Om braken tijdens en na de operatie te voorkomen, is het belangrijk dat u nuchter bent. Dit betekent dat u tot zes uur voor de operatie gewoon kunt eten en drinken, maar liever geen extreem vette maaltijden. U kunt tot twee uur voor de operatie heldere vloeistoffen drinken: water (zonder koolzuur) en thee (zonder melkproducten).
- Medicijnen: Meld altijd aan de anesthesioloog welke medicijnen u gebruikt. Bepaalde medicijnen (zoals bloedverdunners) kunt u een aantal dagen voor de operatie niet meer gebruiken. De anesthesioloog bespreekt met u welke medicijnen u voor de operatie kunt blijven gebruiken.
- Roken: Wij raden u aan om minstens zes weken voor de operatie te stoppen met roken. Nicotine vernauwt de bloedvaten waardoor problemen bij de wondgenezing kunnen optreden. Daarnaast zijn de ademhalingswegen van rokers vaak geĆÆrriteerd en daardoor gevoeliger voor ontstekingen. Hoesten na de operatie kan erg pijnlijk zijn. Tevens stimuleert roken de maagzuurproductie.
- Uiterlijke verzorging: Zorg ervoor dat uw huid schoon is wanneer u naar het ziekenhuis komt en gebruik geen bodylotion op de dag van uw operatie. Verwijder eventuele make-up en piercing(s). Sieraden en andere kostbaarheden kunt u beter thuislaten. Uw kunstgebit, gehoorapparaat en/of bril mag u meenemen naar de operatiekamer.
- Ontharen: Wij vragen u uw oksels vanaf drie dagen voor de operatie niet meer zelf te ontharen met een tondeuse, scheermesje of ontharingscrĆØme, omdat u daarmee het risico op infecties na de operatie vergroot.
Na de operatie blijft u 1 nacht opgenomen. Het is heel belangrijk dat u op de dag van uw operatie de volgende benodigdheden meeneemt:
- Een beha zonder beugels die goede steun geeft, liefst een beha met voorsluiting. Behaās zijn ook op de afdeling te verkrijgen. Hier zijn kosten aan verbonden. Deze beha draagt u 24 uur per dag gedurende 6 weken.
- Een pyjama. Neem het liefst een shirt met knoopjes aan de voorkant mee, zodat het makkelijk is om deze na de operatie aan te trekken.
- Schone sokken voor tijdens de operatie.
- (bad-) Slippers of pantoffels.
- Toiletartikelen.
Indien u medicatie gebruikt:
- Uw medicatie.
- Een Algemeen Medicatie Overzicht.
Wij begrijpen dat u liever niet alleen bent op de dag van de operatie. U kunt daarom een persoon meenemen voor wie wij, indien u dat wenst, ook de maaltijden verzorgen. Hier zijn kosten aan verbonden.
Voordat u naar de operatieafdeling gaat, vraagt de verpleegkundige u een operatiehemd aan te doen. Soms krijgt u een kalmerend middel toegediend van de verpleegkundige in de vorm van een tablet. Dit middel is een voorbereiding op de algehele anesthesie. U kunt hiervan een slaperig gevoel en een droge mond krijgen.
Wij zullen u tijdens de opname een tijdsindicatie geven hoe laat de ingreep zal plaatsvinden. Deze tijd is een richttijd en is altijd aan onvoorziene/onverwachte gebeurtenissen onderhevig. Het is niet nodig om een ochtendjas en handdoek mee te nemen, deze hebben wij voor u klaarliggen.
Vlak voor de ingreep tekent de plastisch chirurg samen met de oncologisch chirurg het gebied af waar u geopereerd gaat worden. Vaak wordt dit mede bepaald door de lokalisatiedraden die van tevoren zijn ingebracht op de afdeling radiologie. Een enkele keer wordt er een wonddrain achter gelaten. Deze drain wordt meestal de volgende dag voor u naar huis gaat weer verwijderd. De wonden worden met oplosbare hechtingen gesloten en verbonden met smalle hechtpleistertjes.
Na de operatie wordt u wakker op de uitslaapkamer. De verkoever verpleegkundige zal uw contactpersoon hierover telefonisch op de hoogte stellen. Als u goed wakker bent, wordt u teruggebracht naar de verpleegafdeling.
Na de operatie heeft u waarschijnlijk in meer of mindere mate pijn. Voor uw herstel is het van belang dat u na de operatie zo min mogelijk last heeft van pijn. Tijdens uw eerste gesprek met de verpleegkundige op de afdeling zal zij u vragen om aan te geven of u op dat moment pijn heeft. Voor een goede pijnbehandeling voor, tijdens en na de ingreep is het van belang dat u de mate van pijn op dat moment aangeeft. Na de ingreep wordt zowel op de uitslaapkamer als op de afdeling wederom geĆÆnformeerd naar de hoeveelheid pijn. Dit gebeurt met behulp van een meetlat waarop u de mate van pijn op een schaal van 0 tot 10 kunt aangeven.
Na de operatie komen de chirurg en de plastisch chirurg kijken hoe het met u gaat en of de wond rustig is. De afdelingsverpleegkundige ondersteunt u waar nodig bij de verzorging. Als u goed herstelt, kunt u naar huis.
Een borstsparende operatie heeft dezelfde risicoās als iedere andere operatie. Er bestaat een kans op een nabloeding, trombose, longontsteking of er kan een wondinfectie optreden, al komt dit zelden voor. Ook kan er na de operatie een bloeduitstorting ontstaan.
Als er een ophoping van vocht in de wond ontstaat, kan dit een enkele keer aanleiding geven tot een infectie en het ontstaan van een abces. De borst wordt dan ter plekke warm, rood en gezwollen. Meestal ontlast dit zich spontaan via het litteken. Soms is het nodig dit een keer te spoelen op de polikliniek. Daarna geneest het meestal vanzelf.
Het is belangrijk dat u al snel na uw operatie weer in beweging komt maar probeer inspanning te vermijden. Bewegen is goed voor uw bloedcirculatie en spijsvertering. De plastisch chirurg bespreekt met u wat u wel en niet mag doen in de eerste weken na de operatie. Gelieve niet te roken. Roken geeft een slechtere wondgenezing en een verhoogde kans op complicaties.
Als gevolg van uw operatie bent u meestal niet meteen weer fit, maar als u zich goed voelt kunt u uw normale leefpatroon met mate weer oppakken. Dit verschilt per persoon en per ingreep.
U bent geopereerd aan uw borst(en) en gaat naar huis met instructies over de revalidatie na de operatie. De eerste dag na thuiskomst wordt u door ƩƩn van onze verpleegkundigen gebeld. U kunt met uw vragen of onduidelijkheden omtrent uw operatie of ziekte bij de verpleegkundige terecht. Belangrijk is dat u niets forceert t.a.v. het operatiegebied. Wat kunt u de dagen na de operatie doen:
- Douchen: Douchen kan pas de dag na de operatie. Douche liever niet te lang en te warm. Probeer de eerste dagen niet de volle douche op het wondgebied te zetten, i.v.m. pijn en te snel loslaten van de hechtpleisters. Wees matig met douche-crĆØme bij de wond i.v.m. irritatie en/of pijn. Wij adviseren u de wond met een zachte handdoek droog te deppen.
- Roze kleur: De roze kleur op uw huid in het operatiegebied is aangebracht om de huid te desinfecteren. U kunt deze beter niet van de huid af boenen. De roze kleur wordt minder na het douchen, maar kan de eerste dagen na de operatie afgeven op uw kleding.
- Slapen: Eerste 6 weken: slaap op uw rug in een strandstoelhouding: met het hoofdeinde iets omhoog (door middel van een extra kussen onder het hoofd) en een knik in de knieĆ«n (door een kussen onder de knieĆ«n te plaatsen). Dit om zwelling te verminderen en druk te voorkomen. Om draaien te voorkomen kunt u kussens aan weerszijden van uw lichaam leggen om stabiel te blijven. Vanaf 6 weken mag u, tenzij in overleg met uw plastisch chirurg anders is besproken, weer voorzichtig op uw zij proberen te slapen. Vanaf 6ā8 weken mag u, wanneer u geen pijn heeft, ook weer op uw buik slapen.
- Baden of zwemmen: De komende 4-6 weken niet baden of zwemmen.
- Pleisters: Verwijder de pleisters niet zelf, deze blijven in principe tot de eerste policontrole zitten. Ze kunnen wel eerder loslaten. Wanneer de pleisters loslaten hoeven ze niet meer vervangen te worden.
- Hechtingen: De hechtingen zijn in principe oplosbaar. Deze hoeven dus niet verwijderd te worden. Indien er geen oplosbare hechtingen gebruikt zijn, zal de plastisch chirurg dit aan u doorgeven en zal zij tijdens het eerste polibezoek de hechtingen verwijderen.
- Beha: Het is belangrijk om een goede beha te dragen die de borst en daarmee de wondvlakken goed ondersteunt. Draag deze bij voorkeur gedurende 6 weken dag en nacht.
- Belasten en mobiliseren: Het is belangrijk om de eerste 2 weken rustig aan te doen. Bewegen mag maar probeer inspanning te vermijden (o.a. huishoudelijk werk, autorijden, tuinieren, sport). Gedurende 6 weken wordt sporten en/of zware lichamelijke inspanning afgeraden. Blijf liever niet te veel in bed liggen. U kunt uw armen op geleide van de pijn bewegen. Dus alleen meer bewegen wanneer het geen pijn doet. U kunt een folder met schouderoefeningen krijgen om te zorgen dat de schouder soepel blijft.
- Pijnstilling: De eerste tijd na de operatie kunt u last hebben van zwelling, bloeduitstortingen, harde plekken en een beurs gevoel. Dit kan pijnlijk zijn. Soms kan het zijn dat de harde plekken pas na weken verminderen. Ook kan de huid tijdelijk gevoelloos zijn. Over het algemeen is de pijn goed te bestrijden met paracetamol. Indien nodig krijgt u een recept voor pijnmedicatie mee. Probeert u zich aan de richtlijntijden te houden. De verpleegkundige zal bij ontslag de gewenste tijden voor inname van de medicijnen met u doornemen. Het is verstandig om voor de operatie al paracetamol en ibuprofen in huis te hebben (indien er geen sprake is van een allergie hiervoor).
- Antistolling medicatie: Indien van toepassing zal de chirurg u vertellen wanneer u weer met uw medicatie kunt starten.
- Neem direct contact met ons op:
- wanneer de wond veel nabloedt en er bloed door de pleister heen druppelt;
- bij koorts boven de 38,5 graden;
- wanneer een wond kloppende pijn veroorzaakt en de wond er rood en vurig uitziet;
- bij te veel vochtophoping (seroom);
- bij onvoldoende pijnstilling.
- Controleren: Controleer de wonden op roodheid, wondlekkage, harde plekken en het wijken van de wondranden. Bij roodheid van de wond of hevige pijn, is het raadzaam uw temperatuur te controleren. Wij zijn 24/7 voor patiĆ«nten bereikbaar op telefoonnummer 030-22 50 910.ā¢
- Poliafspraak: We maken zoān 2 weken na de ingreep een afspraak met u voor controle op de polikliniek. Met uw arts kunt u uw verdere traject ten aanzien van het mobiliseren bespreken.
- Hulp: Het kan verstandig zijn om voor de eerste periode hulp in huis te regelen.
Wij staan voor u klaar. Het is belangrijk dat u het ons laat weten als u vragen heeft of zich zorgen maakt.
- Bij spoed zijn wij 24/7 bereikbaar opĀ 030 ā 225 0910.
- Op ma. t/m vr. is de mammacare verpleegkundige bereikbaar voor korte vragen van 09.30 tot 10.30 uur en van 14.00 tot 15.00 uur opĀ 030 ā 721 0109.
- Voor algemene vragen kunt u ook een E-consult indienen via het patiëntportaal of een e-mail sturen naar poli@alexandermonro.nl.