Ga naar de content
Folder
Medische zorg

Lumpectomie (borstsparende operatie)

In overleg met uw medisch specialist en verpleegkundige heeft u gekozen voor een borstsparende operatie. De borst blijft dus behouden. Toch kan dit een emotioneel ingrijpende operatie zijn. Daarom leggen we u in deze folder precies uit wat er gaat gebeuren. Heeft u nog vragen of maakt u zich zorgen? Laat het ons weten. Wij zijn er voor u.

Wat is een borstsparende operatie?

Bij borstkanker zijn een borstamputatie en een borstsparende operatie de meest voorkomende operaties. Een borstsparende operatie heeft in principe de voorkeur, maar niet elke patiƫnt komt hiervoor in aanmerking.

Een borstsparende operatie is bijvoorbeeld geen optie wanneer:

  • de kwaadaardige tumor een groot gebied omvat;
  • de kwaadaardige tumor erg groot is in verhouding tot de hele borst;
  • er in de borst uitgebreide groei van het voorstadium van borstkanker
    is gevonden;
  • er medische, psychologische of praktische redenen zijn om van
    bestraling af te zien.

Als er van bovenstaande situaties geen sprake is, heeft u de keuze uit een borstamputatie en een borstsparende operatie. De kans op genezing is in dat geval voor beide behandelingen hetzelfde.

Wat gebeurt er bij een borstsparende operatie?

Bij een borstsparende operatie wordt de kwaadaardige tumor en een gedeelte gezond weefsel rondom de tumor weggehaald. Bij de operatie worden kleine clips in de borst geplaatst, op de plek waar de tumor is verwijderd. Dit is ten behoeve van de bestraling, die altijd volgt op een borstsparende operatie. U voelt niets van deze clips.

Na de operatie onderzoekt de patholoog het weggenomen weefsel en de lymfeklier(en). Op basis van de onderzoekuitslag kan de medisch specialist bepalen of en welke vervolgbehandelingen nodig zijn.

Bestraling

Na de borstsparende operatie is altijd bestraling van de borst nodig (zie folder radiotherapie). Voor en na de borstsparende operatie heeft u een gesprek met de radiotherapeut-oncoloog. Zij/hij bespreekt met u hoe, waar, hoe vaak en wanneer de bestraling plaatsvindt en waar u in de bestralingsperiode op moet letten.

De bestraling start ongeveer 4 weken na de operatie. Over het algemeen wordt u gedurende meerdere weken bestraald. De bestralingen zelf duren maar enkele minuten.

Bestraling geeft meestal weinig klachten. U kunt zich iets vermoeider voelen in de periode dat u bestraald wordt. Ook kunnen er plaatselijk huidreacties (roodheid en irritatie) optreden en kan uw borst tijdelijk wat voller en gevoeliger zijn. De huid gaat meestal niet kapot.

Voorbereiding

Binnenkort wordt bij u een borstsparende operatie uitgevoerd. U blijft na deze operatie meestal een nacht bij ons slapen. Belangrijke punten als voorbereiding op uw operatie:

  • Nuchter zijn: Om braken tijdens en na de operatie te voorkomen, is het belangrijk dat u nuchter bent. Dit betekent dat u tot zes uur voor de operatie gewoon kunt eten en drinken, maar liever geen extreem vette maaltijden. U kunt tot twee uur voor de operatie heldere vloeistoffen drinken, (thee, water) zonder koolzuur.
  • Medicijnen: Meld altijd aan de anesthesioloog welke medicijnen u gebruikt. Bepaalde medicijnen (zoals bloedverdunners) kunt u een aantal dagen voor de borstreconstructie niet meer gebruiken. De anesthesioloog bespreekt met welke medicijnen u voor de operatie kunt blijven gebruiken.
  • Roken: Wij raden u aan om minstens zes weken voor de operatie te stoppen met roken. Nicotine vernauwt de bloedvaten waardoor problemen bij de wondgenezing kunnen optreden. Daarnaast zijn de ademhalingswegen van rokers vaak geĆÆrriteerd en daardoor gevoeliger voor ontstekingen. Tevens
    stimuleert roken de maagzuurproductie. Bovendien kan hoesten na de operatie erg pijnlijk zijn.
  • Uiterlijke verzorging: Zorg ervoor dat uw huid schoon is wanneer u naar het ziekenhuis komt. Verwijder eventuele make-up, nagellak, nepnagels en piercing(s). Sieraden en andere kostbaarheden kunt u beter thuislaten. Uw kunstgebit, gehoorapparaat en/of bril mag u meenemen naar de operatiekamer.
  • Ontharen: Wij vragen u uw oksels vanaf drie dagen voor de operatie niet meer zelf te ontharen met een tondeuse, scheermesje of ontharingscrĆØme, omdat u daarmee het risico op infecties na de operatie vergroot.
  • Dieet/allergieĆ«n: In verband met de catering in het ziekenhuis vragen wij u eventuele allergieĆ«n met betrekking tot eten en drinken voorafgaand aan de operatie door te geven aan de verpleegkundige, zodat wij hier rekening mee kunnen houden.
De dag van uw operatie

Het is heel belangrijk dat u op de dag van uw operatie de volgende benodigdheden meeneemt:

  • Een beha zonder beugels die goede steun geeft, het liefst een sportbeha. Beha’s zijn ook op de afdeling te verkrijgen. Hier zijn kosten aan verbonden.
  • Een pyjama, het liefst een shirt met knoopjes aan de voorkant, zodat het makkelijk is om deze na de operatie aan te trekken.
  • Schone sokken om te dragen tijdens de operatie.
  • (Bad-) Slippers.
  • Toiletartikelen.

Indien u medicatie gebruikt:

  • Uw medicatie. Handig om te weten.
  • Een Algemeen Medicatie. Deze is aan te vragen en af te halen bij uw apotheek.

Wij begrijpen dat u liever niet alleen bent op de dag van de operatie. U kunt daarom ƩƩn persoon meenemen voor wie wij, indien u dat wenst, ook de maaltijden verzorgen. Deze persoon kan, als mogelijk, ook blijven overnachten. Hier zijn wel kosten aan verbonden. Het kan voorkomen dat u, ondanks de extra logƩ, toch (tijdelijk) op onze vierpersoonskamer komt te liggen. Het is dan helaas niet altijd mogelijk dat er iemand blijft overnachten. Mocht dit bij u het geval zijn, dan informeren wij u hier tijdig over. Wij vragen hiervoor uw begrip.

Voordat u naar de operatieafdeling gaat, vraagt de verpleegkundige u een operatiehemd aan te doen. Soms krijgt u een kalmerend middel van de verpleegkundige via een tablet. Dit middel is een voorbereiding op de algehele anesthesie. U kunt hiervan een slaperig gevoel en een droge mond krijgen.

Tijdstip van uw operatie

Wij zullen u tijdens de opname een tijdsindicatie geven hoe laat de ingreep zal plaatsvinden. Deze tijd is een richttijd en zal altijd aan onvoorziene en onverwachte gebeurtenissen onderhevig zijn.

De operatie

Hoe lang de ingreep precies duurt, hangt af van de grootte van de ingreep die met u is afgesproken.

Na de operatie

Na de operatie wordt u wakker op de uitslaapkamer. De verkoever verpleegkundige zal uw contactpersoon hierover telefonisch op de hoogte stellen. Als u goed wakker bent, wordt u teruggebracht naar de verpleegafdeling.

Voor uw herstel is het van belang dat u na de operatie zo min mogelijk last heeft van pijn. De verpleegkundige zal u vragen om aan te geven of u op dat moment pijn heeft. Voor een goede pijnbehandeling voor, tijdens en na de ingreep is het van belang dat u de mate van pijn op dat moment aangeeft. Na de ingreep wordt zowel op de uitslaapkamer als op de afdeling gekeken hoeveel pijn u heeft. Dit gebeurt met behulp van een vraag waarop u de mate van pijn op een schaal van 1 tot 10 kunt aangeven.

Na de operatie komt de chirurg en indien de plastisch chirurg heeft mee geopereerd en anesthesist kijken hoe het met u gaat en of de wond goed geneest. De afdelingsverpleegkundige ondersteunt u waar nodig bij de verzorging.

Na de operatie bekijkt u samen met de verpleegkundige en eventueel met uw partner, de wond. Als u goed herstelt, kunt u naar huis. Dit zal over het algemeen in de ochtend zijn.

Onderzoek van het weggenomen weefsel en de klier(en)

Na de operatie worden het weggenomen weefsel en de lymfklier(en) onderzocht door de patholoog. Het onderzoek levert de volgende informatie op:

  • Hoe groot is de tumor?
  • Wijken de tumorcellen sterk af van de gezonde cellen?
  • Hoe snel groeien de tumorcellen?
  • Is tijdens de operatie de gehele tumor verwijderd?
  • Hebben de borstkankercellen zich verspreid naar de lymfeklieren?
  • Hebben de borstkankercellen hormoonreceptoren? Dat wil zeggen: delen de kankercellen zich onder invloed van vrouwelijke hormonen?
  • Hebben de borstkankercellen HER2-receptoren? Ongeveer 20 procent van de borstkankerpatiĆ«nten heeft deze overmaat van eiwitten. Deze eiwitten worden ook wel HER2neu-receptoren genoemd. Ze zorgen ervoor dat groeiprikkels aan de kankercellen worden doorgegeven.
Uitslag

Het duurt ongeveer 7 Ć  10 werkdagen voordat de uitslag van de patholoog bekend is. Als de uitslag bekend is, wordt u hierover geĆÆnformeerd door de medisch specialist tijdens het polikliniek bezoek. De informatie van de uitslag gebruikt de medisch specialist om te bepalen of er vervolgbehandelingen nodig zijn. De uitslag wordt, indien nodig, opnieuw door het team van specialisten besproken. Daaruit volgt het definitieve
advies voor een eventuele vervolgbehandeling.

Risico’s en complicaties

Iedere operatie geeft een kleine kans op complicaties, zoals trombose, longontsteking, een nabloeding of wondinfectie. We nemen alle nodige voorzorgsmaatregelen om deze complicaties te voorkomen.

Hoe kunt u zelf meewerken aan uw herstel?

Het is voor uw bloedcirculatie en spijsvertering belangrijk dat u al snel na uw operatie weer in beweging komt. Wanneer uw arts geen bezwaar heeft, zijn bewegingen in bed, zoals bijvoorbeeld het aanspannen van de spieren van het been, voeten en tenen optrekken en rechtop gaan zitten, goed voor uw herstel.

Wanneer u wilt gaan zitten is het belangrijk uw wond te ontzien. Het is belangrijk dat u niets forceert t.a.v. het operatiegebied. Uw verpleegkundige kan u hier instructies over geven.

Naar huis

Als gevolg van uw operatie bent u meestal niet meteen weer fit, maar als u zich goed voelt kunt u uw normale leefpatroon weer oppakken. Dit verschilt per persoon en per ingreep.

Informatie na ontslag

U bent geopereerd aan uw borst(en). Nu gaat u naar huis met instructies over de revalidatie na de operatie. De eerste dag na thuiskomst wordt u door een van onze verpleegkundigen gebeld. U kunt met uw vragen of onduidelijkheden omtrent uw operatie of ziekte bij haar terecht.

Wat kunt u de dagen na de operatie doen:

  • Douchen: Douchen kan de dag na de operatie. Douche liever niet te lang en te warm. Probeer de eerste dagen niet de volle douche op het wondgebied te zetten, i.v.m. pijn en te snel loslaten van de hechtingpleisters. Wees matig met douche-crĆØme bij de wond i.v.m. irritatie en/of pijn. Wij adviseren u de wond met een zachte handdoek droog te deppen.
  • Roze kleur: De roze kleur op uw huid in het operatiegebied kunt er u beter niet af boenen. De roze kleur wordt minder na het douchen.
  • Baden of zwemmen: De komende 4-6 weken mag u nog niet baden of zwemmen.
  • Pleisters: Verwijder de pleisters niet zelf, deze blijven in principe een week zitten. Ze kunnen wel eerder loslaten. Wanneer de pleisters loslaten hoeven ze niet meer vervangen te worden.
  • Verband: Als de wond nog lekt, kunt u de gazen naar behoefte vervangen.
  • Hechtingen: De hechtingen zijn oplosbaar, ze hoeven dus niet verwijderd te worden.
  • Drain: Zelden gaat u na deze operatie met een drain naar huis. Wanneer u met de drain(s) naar huis gaat, dan krijgt u een informatiefolder over drains mee van de verpleegkundige.
  • Beha: Het is belangrijk om een goede beha te dragen voor het ondersteunen van de borsten. Liefst dag en nacht. Bij de borstbesparende operatie adviseren wij u om deze beha minimaal 1 week, 24 uur per dag te dragen. Wanneer de plastisch chirurg mee heeft geopereerd, kan deze periode langer zijn. U kunt hiervoor het liefst een (sport)beha meenemen of u kunt er een aanschaffen via de afdelingsverpleegkundige.
  • Belasten en mobiliseren: Zwaar lichamelijk werk (o.a. huishoudelijk werk, tuinieren en sporten)
    wordt de eerste 4-6 weken afgeraden. Autorijden wordt afgeraden totdat u het stuur weer optimaal kunt hanteren. Blijf liever niet te veel in bed liggen. U kunt uw armen op geleide van de pijn bewegen. Dus alleen meer bewegen wanneer het geen pijn doet. Zie ook de folder ā€˜Oefeningen na een borstoperatie met of zonder okselklierdissectie.
  • Pijnstilling: Zo nodig krijgt u een recept voor pijnmedicatie mee naar huis. Probeert u zich aan de richtlijntijden te houden. De verpleegkundige zal bij ontslag de gewenste tijden voor inname van de medicijnen met u doornemen. Bij veel pijn kunt u een klein kussentje gebruiken om ā€˜tegendruk’ bij de wond te geven of onder uw arm te leggen. Het is verstandig om voor de operatie al paracetamol en ibuprofen in huis te hebben (indien er geen sprake is van een allergie hiervoor).
  • Neem direct contact met ons op:
    • wanneer de wond veel nabloedt;
    • wanneer de drain opeens veel gaat produceren;
    • bij koorts boven de 38,5 graden;
    • wanneer de wond kloppende pijn veroorzaakt en de wond er rood en vurig uitziet;
    • bij te veel vochtophoping (seroom);
    • bij onvoldoende pijnstilling.
  • Controleren: Controleer de wonden op roodheid, wondlekkage, harde plekken en het wijken van de wondranden. Bij roodheid van de wond of hevige pijn, is het raadzaam uw temperatuur te controleren. Wij zijn 24/7 voor patiĆ«nten bereikbaar op telefoonnummer 030-22 50 910.
  • Antistolling medicatie: Indien van toepassing zal de chirurg u vertellen wanneer u weer met uw medicatie kan starten.
  • Poliafspraak: Na ongeveer een week na de operatie wordt u bij ons op de polikliniek
    verwacht. Tijdens deze afspraak;

    • krijgt u de uitslag van het onderzochte weefsel
    • wordt het verdere behandeltraject met u besproken
    • controleert de medisch specialist uw wond
    • wordt het verdere traject ten aanzien van het mobiliseren besproken.
  • Hulp: Het kan verstandig zijn om voor de eerste periode hulp in huis te regelen.
Bij vragen of zorgen: laat het ons weten

Wij staan voor u klaar. Het is belangrijk dat u het ons laat weten als u vragen heeft of zich zorgen maakt.

  • Bij spoed zijn wij 24/7 bereikbaar opĀ 030 – 225 0910.
  • Op ma. t/m vr. is de mammacare verpleegkundige bereikbaar voor korte vragen van 09.30 tot 10.30 uur en van 14.00 tot 15.00 uur opĀ 030 – 721 0109.
  • Voor algemene vragen kunt u ook een E-consult indienen via het patiĆ«ntportaal of een e-mail sturen naarĀ poli@alexandermonro.nl.
Deel deze folder