Genmutaties
Bij 5 tot 10 procent van de vrouwen met borstkanker is sprake van erfelijke aanleg. Afwijkingen (mutaties) in sommige genen kunnen een verhoogde kans op borstkanker geven. De bekendste genen zijn het BRCA-1-gen, het BRCA-2-gen en het CHEK-2-gen. BRCA is afkomstig van het Engelse woordĀ breastĀ cancer (borstkanker).
Het Alexander Monro Ziekenhuis in Bilthoven is gespecialiseerd in borstkankerzorg en heeft uitgebreide ervaring met erfelijke vormen van borstkanker, waaronder mutaties in de BRCA1-, BRCA2- en CHEK-2-genen. Zo is er een speciaal gendragerspreekuur ingericht, waar patiƫnten met een verhoogd risico snel terechtkunnen. Op dit spreekuur worden de mogelijkheden besproken, waaronder screening, preventieve borstverwijdering, directe reconstructie of gefaseerde oplossingen. Eerst wordt een actuele diagnostische situatie bepaald, waarna samen met u wordt gekeken naar de beste aanpak.
Als een vrouw een BRCA-1- of BRCA-2-mutatie heeft, heeft zij een grotere kans om borstkanker en/of eierstokkanker te ontwikkelen.
- Een vrouw met een BRCA-1-mutatie heeft een risico van 60 tot 80 procent om in haar leven borstkanker te ontwikkelen en 35 tot 45 procent risico op eierstokkanker.
- Een vrouw met een BRCA-2-mutatie heeft een risico van 60 tot 80 procent op borstkanker en 10 tot 20 procent op eierstokkanker.
Om die reden komen deze vrouwen in aanmerking voor extra onderzoek (screening) en preventieve verwijdering van de eierstokken. Ook kunnen vrouwen ervoor kiezen om hun borsten preventief (met of zonder reconstructie erna) te laten verwijderen. U kunt de mogelijkheden met uw arts bespreken.
Mannen met een BRCA-mutatie hebben een licht verhoogde kans op borstkanker. Bij BRCA-2 is dit 7 procent; bij BRCA-1 maximaal 1 procent. Daarnaast hebben mannen met een BRCA-2-mutatie een verhoogd risico op prostaatkanker.
Kijk voor meer informatie ook opĀ brca.nl.
Onderzoek in families waarin borstkanker vaak voorkomt laat zien dat er ook andere genmutaties bekend zijn die een rol spelen bij het ontstaan van borstkanker. Inmiddels zijn er zoān 8 andere genmutaties bekend naast BRCA-1 en BRCA-2, te weten: CHEK2, PALB2, ATM, RAD51C, RAD51D, BRIP1, BARD1 en PTEN.
Er zijn ook nog andere aandoeningen waarbij mensen borstkanker kunnen krijgen. Voorbeelden hiervan zijn hetĀ Li-FraumeniĀ syndroom, de ziekte vanĀ CowdenĀ en hetĀ Peutz-JeghersĀ syndroom.
Als er aanwijzingen zijn dat er bij u of in uw familie mogelijk sprake is van een erfelijke aanleg voor borstkanker, dan kunt u voor onderzoek worden doorverwezen naar de poli Klinische Genetica in het AMZ onder leiding van dr. Margreet Ausems, klinisch geneticus van het UMC Utrecht en verbonden aan ons ziekenhuis.
Bij borstkanker kan erfelijkheidsonderzoek worden gedaan om te bepalen of er een genetische aanleg is voor de ziekte. Dit onderzoek richt zich vooral op mutaties in specifieke genen die het risico op borstkanker aanzienlijk verhogen. De belangrijkste genetische tests zijn:
1. BRCA1- en BRCA2-genmutaties
- Vrouwen (en mannen) met een mutatie in deze genen hebben een verhoogd risico op borstkanker en eierstokkanker.
- Een BRCA-mutatie verhoogt ook het risico op andere kankersoorten, zoals prostaatkanker en alvleesklierkanker.
2. Andere genen die betrokken kunnen zijn:
- PALB2: Vergroot het risico op borstkanker, vergelijkbaar met BRCA2.
- CHEK2: Kan een verhoogd risico geven, vooral als er een familiegeschiedenis is.
- TP53 (Li-Fraumeni syndroom): Geassocieerd met een zeer hoog risico op verschillende soorten kanker.
- PTEN (Cowden syndroom) en STK11 (Peutz-Jeghers syndroom): Zeldzamere syndromen met verhoogd borstkankerrisico.
- Als borstkanker vóór de leeftijd van 40 wordt vastgesteld.
- Als er meerdere familieleden met borstkanker zijn, vooral op jonge leeftijd.
- Als er gevallen zijn van borstkanker Ʃn eierstokkanker in de familie.
- Als een man in de familie borstkanker heeft gehad.
- Bij bepaalde etnische achtergronden, zoals Asjkenazisch Joodse afkomst, waar BRCA-mutaties vaker voorkomen.