Sandy over borstkanker – “Hoe vertel je je moeder dat je kanker hebt?”
4 december 2025
Sandy van den Brink, eigenaresse van schoonheidssalon Silk Sand te Soest en de vrouw van radiomaker Jan Paparazzi, zit middenin haar behandeltraject voor borstkanker in het in borstkankerzorg gespecialiseerde Alexander Monro Ziekenhuis.
In een openhartige blogreeks over haar traject, de zorg en het dagelijks leven, deelt Sandy haar ervaringen om ook anderen te steunen die met borstkanker te maken hebben. Lees het achtste blog van Sandy hier:
Mijn moeder is nog steeds niet op de hoogte van het feit dat ik ziek ben. Ik wil haar vakantie niet bederven en ontvang vrolijke vakantiefoto’s vanaf haar vakantieadres.
Inmiddels is het elf dagen geleden dat ik mijn eerste afspraak had in het Alexander Monro Ziekenhuis. Elf dagen, en wat is er veel gebeurd.
Jan meldde zich meteen ziek nadat we vrijdag hoorden dat ik kanker heb. Hij wil met me mee naar de onderzoeken. Hij is niet in de gelegenheid om thuis te werken, er zal vervanging voor hem moeten worden geregeld. Naar buiten toe wordt er gecommuniceerd dat hij een virus mee heeft genomen van vakantie en er de rest van de week niet zal zijn.
Ikzelf heb een schoonheidssalon naast ons huis en werk één dag per week in een geluidsstudio waar ik productie en administratief werk doe. De eigenaar van de studio heb ik direct op de hoogte gebracht, maar mijn klanten vertel ik niets. Ik behandel gewoon door, zolang ik niet in het ziekenhuis ben voor afspraken. Soms moet ik iemand met een smoes afzeggen. Ik leef in twee werelden: de ene waarin ik kanker heb en alles onzeker is, en de andere waarin alles gewoon doorgaat. In mijn salon geniet ik van het behandelen, van de verhalen van mijn klanten. Niemand weet iets. Hier is mijn leven nog zoals het was.
Ondertussen heb ik wel mijn broer en schoonzus op de hoogte gebracht. Eerst stuurde ik via WhatsApp een berichtje: of mijn kleine nichtje al op bed lag en of ik even kon bellen. Daarna vertelde ik hen over de slechte film waarin we zijn beland. Met mijn broer spreek ik ook af dat hij naar mijn moeder zal gaan zodra ik haar het nieuws heb verteld. Ze is immers alleen, en ik wil dat er iemand bij haar is als wij weer weg zijn.
Inmiddels is zij terug van vakantie en met een zwaar hart stappen Jan en ik de auto in. Mijn moeder verwacht ons, ze staat al op ons te wachten en doet de deur open. Binnen schenkt ze drinken in en vertelt vrolijk over haar vakantie. Op tafel liggen kleine souvenirtjes voor ons. Ik laat haar praten, ze heeft genoten en straalt nog van de reis. In mijn hoofd zoek ik naar het juiste moment. Ik weet dat ik haar leven in één klap ga veranderen.
Misschien vind ik dit nog wel het moeilijkste momenteel: dat ik, ook al kan ik er niets aan doen, mijn dierbaren moet belasten met verdriet en onzekerheid. “Willen jullie nog wat drinken?” vraagt ze. Onze glazen zijn leeg. Dit is het moment. “Mam, blijf even zitten. Ik moet je iets vertellen.”
Ik begin rustig. Vertel dat ik op vakantie een huidreactie had, naar de dokter ging en vroeg of hij meteen even het knobbeltje in mijn borst wilde checken. En dan: “Helaas mam, het is niet goed. Maar wat wel goed nieuws is, is dat ik beter kan worden. Het zit alleen in mijn oksel en borst. ”Ik probeer het zo rustig en ontspannen mogelijk te brengen.
Ze neemt het nieuws verbazingwekkend goed op. Geen tranen, geen verdriet. Wel is ze zichtbaar geschrokken. Ik ben blij dat haar het wachten en de onzekerheid over de uitkomst van de PET-CT-scan bespaard is gebleven.
“En nu?” Vraagt ze. “Aankomende week staat er een gesprek gepland met de chirurg, en een MRI-scan op het programma. En de patholoog is nog steeds bezig met het onderzoeken van de biopten om te achterhalen welke type borstkanker ik heb.”
“Oh waarom nog een MRI-scan?” “Deze is nodig om nog meer gedetailleerdere informatie te krijgen over de vorm en structuur van de weefsels. Samen met de uitslag van de PET-CT-scan is er een nog completer beeld waarop een behandelplan gemaakt kan worden.” Ik vertel haar dat daarom de uitslag van de PET- CT-scan zo alles bepalend was. Er komt nu een behandeling gericht op genezing en anders werd het levensverlengend.
Uiteraard had ik dit rotbericht nooit aan mijn moeder willen brengen maar merk toch dat ik opgelucht ben dat ik het aan haar verteld heb. We praten nog even na over haar vakantie en gaan daarna weer richting huis.
Op de terugweg in de auto bel ik mijn broer: “Ga jij zo naar mam?”