Sandy over borstkanker – “Ze laat ons niet lang in spanning zitten en draait haar beeldscherm naar ons toe en laat de uitslag zien”
Sandy over borstkanker – “Ze laat ons niet lang in spanning zitten en draait haar beeldscherm naar ons toe en laat de uitslag zien”
4 juni 2026
Sandy van den Brink, eigenaresse van schoonheidssalon Silk Sand te Soest en de vrouw van radiomaker Jan Paparazzi, zit middenin haar behandeltraject voor borstkanker in het in borstkankerzorg gespecialiseerde Alexander Monro Ziekenhuis.
In een openhartige blogreeks over haar traject, de zorg en het dagelijks leven, deelt Sandy haar ervaringen om ook anderen te steunen die met borstkanker te maken hebben. Lees het drieëndertigste blog van Sandy hier:
De dagen na mijn operatie gaan, op het slapen na, best goed. Slapen blijft een ding. De combinatie van het dragen van een (spuuglelijke) strakke compressie-bh, met de pasvorm van een middeleeuws korset, en het verplicht slapen op mijn rug dragen niet bij aan de nodige nachtrust. Maar buiten dat verbaast het mij hoe ik me voel. Ik loop zelfs al twee dagen na de operatie buiten. Het is een heel klein kort wandelingetje met een slakkentempo en ik loop erbij als Napoleon. Elke stap die ik zet, voel ik in mijn oksel en zo vang ik de ergste schokken op. Mijn oksel is gevoeliger dan mijn borst; dit had ik van tevoren niet verwacht.
Wel denk ik regelmatig: hoe zou de uitslag van de operatie zijn? Daar hangt zoveel van af. Krijg ik nog 24 weken nabehandeling met chemotabletten? Is mijn oksel schoon? Zijn de snijranden schoon of moet ik binnenkort weer onder het mes? Heb ik nog restziekte in mijn lichaam? Allemaal vragen die pas beantwoord worden na onderzoek van mijn weefsel door de patholoog.
Ruim een week later is het dan eindelijk zover. Onzeker over wat er straks gezegd gaat worden, stappen Jan en ik de auto richting het Alexander Monro Ziekenhuis voor het uitslaggesprek met mijn chirurg. Zenuwachtig nemen we plaats tegenover haar. Ze laat ons niet lang in spanning zitten en draait haar beeldscherm naar ons toe en laat de uitslag zien:
100% respons, ofwel pCR (pathologisch complete respons).
Dat betekent dat ik de beste score heb die je kunt krijgen. De patholoog heeft geen kankercellen meer gevonden in het weggehaalde weefsel en ook in de twee lymfeklieren is niets meer te zien.
Het gevoel dat er door mij heen gaat is alsof ik de loterij win. Mijn ogen vullen zich met tranen van blijdschap en ontlading. Ook Jan is geëmotioneerd door dit geweldige nieuws.
Het chemotraject was “one hell of a ride” maar niet voor niets blijkt! Thuis trekken we meteen de champagne open en vieren het fantastische nieuws.
De dagen na de geweldige uitslag krijg ik een aantal keer de vraag: ‘De kanker is weg ben je dan nu klaar?’
Ondanks een complete respons en een operatie gaat het traject verder en ben ik dus niet klaar.
Er komt nog een gesprek met mijn oncoloog over de verdere nabehandeling want ondanks de goede respons is er kans op terugkeer van de ziekte (bij mijn type kanker zie je dat, als het gebeurt, dit vaak binnen 3 jaar is). Daarnaast volgen nog een aantal bestralingen. Binnenkort krijg ik het exacte aantal te horen tijdens de intake met de radiotherapeut in het UMC Utrecht.
Maar geheel tegen de verwachting in hoef ik de acht kuren, vierentwintig weken met chemotabletten, niet. Helaas moet mijn chemomaatje dit wel wat ik ontzettend verdrietig, zuur en rot voor haar vindt. Het bezorgt me zelfs een soort van schuldgevoel, ik niet, zij wel. Voor haar de teleurstelling: nog langer bezig zijn en nog later beginnen aan haar herstel, nog een half jaar van kuur naar kuur, controles van bloed, dealen met bijwerkingen (o.a. vermoeidheid, misselijkheid, buikklachten, het hand-voetsyndroom) en het slikken van honderden pillen op gezette tijden. Regelmatig wordt er gedacht en gezegd “het zijn maar pillen” omdat het niet in een infuus wordt gegeven maar het is wel chemo en nog een lange weg extra te gaan.
“Ik heb geen kanker meer”… het voelt zo onwerkelijk als ik het uitspreek na het uitslaggesprek, soms is het bijna niet te bevatten. Ik realiseer me dat ik weer vertrouwen moet gaan krijgen in mijn lichaam. Dat is voor latere zorg, Voor nu overheersen voornamelijk blijheid en opluchting. Deze uitslag neemt niemand mij meer af. Stap 2 heb ik afgerond, op naar stap 3.